Naar Port Loko

Vandaag zijn we naar Port Loko geweest op 2 ½ uur rijden van Freetown.  Onderweg rijden we door nederzettingen met namen als Waterloo, Hastings, Newton en Mamamah. We passeren onderweg diverse Ebola checkpoints waar bij ieder van ons de temperatuur gemeten wordt. We gaan naar Port Loko om een indruk te krijgen van de verschillende facetten van de Ebola response in een district dat zwaar getroffen is.  In Port Loko zit één van de eerste Ebola Treatment Units (ETU) gerund door de Sierra Leonse overheid, het Maforki treatment centre. Sinds November gebeurt dit samen met PIH.

Na het ontsmetten van onze handen met chloor en het meten van onze temperatuur mogen we de zogenaamde “green zone” betreden. In de green zone bevinden zich de opslag van goederen, de  apotheek, de kantine, de toiletten, de wasplaats voor ontsmette laarzen en handschoenen en de zogenaamde “donning-space” . Dit laatste is de ruimte waarin men de beschermende kleding aantrekt onder toeziend oog van een buddy die kijkt of alles goed aangetrokken wordt. Ook werpen we een blik op de “doffing-space” waar mensen die in de “red zone” gewerkt hebben afgespoten worden met chloor en hun beschermende kleding uit trekken. Dit is een zeer precies werkje, alles moet in de juiste volgorde uitgetrokken worden om besmettingen te voorkomen.  Er staan lange rijen van stokken met daarop de afgespoten laarzen en faceshields die hangen te drogen in de brandende zon. In de verte over de hekken zien we het prachtige landschap met palm- en bananenbomen, het contrast is groot. We spreken een paar lokale jongens die werken in de zogenaamde “WASH”-teams. Zij spuiten de mensen die uit de red zone komen af en maken de ruimtes binnen de red zone schoon. Ze zijn trots op wat ze doen voor hun land en kennen allemaal Arjen Robben en Robin van Persie.

op de etu in port loko

Ook mogen we vanuit het centrale kantoortje een blik werpen op de triage ruimte.  Op dat moment komt een ambulance met gillende sirenes aanrijden: een nieuwe patiënt. Een gek moment.  In de ruimte hangt een papiertje met daarop een lijstje wat overlevenden van Ebola meekrijgen als ze de ETU verlaten: 1 zak rijst, 1 zak meel, een klamboe, een jerrycan, 2 strips waterontsmettingstabletten, 1 broek of lappa, 1 paar slippers, 1 gallon olie, 1 deken, 2 stukken zeep, 1 ½ liter zout en 1 zak linzen. 157 mensen hebben tot nu toe de red zone in de ETU op deze manier verlaten.  Als herinnering aan de goede afloop van hun strijd en ter aanmoediging van anderen hangt iedere overlevende bij het verlaten van de ETU een lint in de “tree of hope” die buiten naast de ingang voor bezoekers staat.  Deze boom weerspiegelt de hoop van de Ebola-overlevenden.

Na de ETU brengen we een bezoek aan het terrein van het World Food Program (WFP). De Ebola epidemie heeft tot veel hongersnood geleid omdat de aanvoer van goederen geheel stagneerde. Vanuit WFP wordt hard gewerkt om de nood te verminderen. We gaan naar dit terrein omdat onze labcontainer hier zou moeten staan. En inderdaad als we in de buurt van het terrein komen zien we de bewuste witte containers al in de verte staan op de hoek van het terrein. Inderdaad containers, want er blijken er 7 te staan i.p.v. 1. Een telefoontje naar Nederland maakte duidelijk welke container voor ons was: degene links boven in de hoek. De andere containers zijn voor een noodhospitaal voor WHO. De container staat inmiddels al ruim 2 maanden in de brandende zon te wachten op transport. De beheerder van het terrein zegt dat het zo’n 50 °C wordt in de containers. We maken ons zorgen om onze spullen die in de containers staan:  is het goed gegaan met onze gevoelige instrumenten tijdens het transport over de vaak zeer hobbelige wegen hier in Sierra Leone , en hoe reageert e.e.a. op de hoge temperaturen? We zullen het pas weten als de container in Freetown bij PCMH staat en we de seals kunnen verbreken en kunnen gaan opstarten.

ontsmette bedden op de etu

Hierna staat een bezoek aan de zogenaamde DERC Port Loko op het programma, DERC staat voor district Ebola response center. Hier wordt de gehele Ebola response voor het district gecoördineerd onder leiding van Britse legerofficieren. Port Loko district kent 11 verschillende chiefdoms met een totale populatie van zo’n 500.000 mensen.  Er zit een call centrum van noodnummer 117. Dit nummer moeten mensen bellen als ze iemand verdenken van Ebola of met overleden mensen in hun huis zitten. Dit nummer bestaat naast het algemene noodnummer 112, en is uitsluitend voor Ebola. Er wordt op grote whiteboards exact per dag bijgehouden hoeveel meldingen er binnen komen per chiefdom, wat er gemeld wordt, wat de uitkomst is van de triage die door teams ter plekke gedaan wordt en waar de mensen naar toegebracht worden. Dit wordt ondersteund door whiteboards met namen van teams die per chiefdom reageren op de # 117 telefoontjes maar ook actief op zoek gaan naar mogelijke Ebola patienten. Er wordt dus passief en actief gesurveilleerd om maar geen casus te missen.  Ook is er een board met de namen van de teams die per chiefdom zorgen voor de contact tracing en het in quarantaine plaatsen van sommige huizen. Unicef maakt sinds een paar maanden onderdeel van het commando centrum nadat er grote problemen bleken te zijn met weeskinderen die alleen achterbleven in huizen in quarantaine. Unicef vangt deze kinderen op in een centrum dat zij hiervoor hebben ingericht. Als hun quarantaine periode van 21 dagen voorbij is zorgt Unicef dat ze weer goed geplaatst worden bij familie of een pleeggezin. Ook monitoren ze na een tijdje hoe het gaat met deze kinderen.  Geweldig.

We worden stil van een groot whiteboard waarop bijgehouden wordt of er voldoende graven zijn. Er wordt verteld dat men zo’n 50 ongebruikte graven klaar wil hebben voor onverwachte gebeurtenissen. De maximale capaciteit die ze uiteindelijk hebben is 4505. Op het board is te zien hoeveel graven er beschikbaar zijn per chiefdom maar ook hoeveel er al in gebruik zijn. De teller staat voor het gehele district op 865. Diep onder de indruk verlaten we de DERC en gaan naar het Mathaska ETU dat gerund wordt door NGO Goal en waar een laboratorium staat dat gerund wordt door Public Health England. We gaan een kijkje nemen in hun keuken om te zien hoe zij eea aanpakken en welke problemen ze tegenkomen. We hijsen ons allemaal in scrubs en crocs en lopen in de green zone naar het lab. In de verte de red zone met hulpverleners in de bekende beschermende pakken en vlakbij de welbekende stokken waarop handschoenen en laarzen te drogen hangen. In het lab werd druk gewerkt door het derde team vanuit Engeland dat voor 6 weken aan de slag is in Mathaska. We krijgen uitleg over de procedures en kijken mee met de verschillende handelingen. Zeer informatief.

Op de terugweg naar Freetown passeren we weer de Ebola checkpoints en krijgen we een aantal keren een “thumbs up” van voorbijgangers die een groepje blanken in een auto van PIH zien rijden. Het is voor iedereen duidelijk: blanken in het land zijn voor de Ebola bestrijding, toeristen zijn er niet meer……….. Ook de militairen bij de checkpoints zijn zeer vriendelijk en ook hier gaat af en toe de duim omhoog.  Via een mooie tocht door de heuvels rond Freetown komen we bij het PIH guesthouse en krijgen we voor het eerst in ons leven Barracuda te eten. Goed om even de zinnen te verzetten….